Hoe is het gesteld met de ruimtelijke kwaliteit van de campus Heyendaal? Dat is de hamvraag in het eerste van drie debatten die LUX dit jaar in samenwerking met de gemeente Nijmegen organiseert over stedenbouwkundige ontwikkelingen in de Keizerstad. Het is inmiddels tien jaar sinds de stedenbouwkundige Asthok Bhalotra een structuurvisie schreef voor de gehele campus. In het universiteitsblad Vox van 14 juni stelde hij dat regie en samenhang ontbreken op de campus. LUX vroeg drie experts om de ruimtelijke kwaliteit van de Nijmeegse campus te recenseren. De stedenbouwkundige Peter Kuenzli moest om gezondheidsredenen helaas afzeggen; zijn twee collega-deskundigen Sonja Mihaljevic en Aryan Sikkema bestudeerden en fileerden Heyendaal.

Datum: 25 juni 2007
Lokatie: Huygensgebouw, Radboud Universiteit Nijmegen
Bezoekers: 60
In samenwerking met de Gemeente Nijmegen
Download hier de PDF-versie van dit verslag.

Sprekers
Michel ter Berg (hoofd Huisvesting Radboud Universiteit Nijmegen)
Felix van Baal (hoofd Huisvesting UMC st Radboud)
Paul Depla (wethouder Ruimtelijke Ordening in Nijmegen)
Aryan Sikkema (voormalige bouwmeester Uithof Utrecht)
Sonja Mihaljevic (Elyps Landschap en Stedelijk Ontwerp)
Geert van Gessel (directeur Facilitaire Zaken Hogeschool Arnhem en Nijmegen)

Gespreksleider
Marc van Lieshout

Verslag
Ruud Vos

Verouderd
Ter voorbereiding op het debat is er ’s middags eerst een rondleiding voor de beide experts Sonja Mihaljevic en Aryan Sikkema. Om overzicht te krijgen wordt er begonnen met een visuele presentatie door Felix van Baal en Michel ter Berg, de directeuren Huisvesting van respectievelijk het UMC st Radboud en de Radboud Universiteit. Ze maken een kenschets van de huidige campus, te beginnen met de eerste bebouwing van het landgoed Heyendaal – een verpleeggebouw van het UMC St. Radboud in 1950 – en het eerste universiteitsgebouw (1963) tot de huidige bouwputten rondom het Geert Grooteplein en aan de Heyendaalseweg. De hoofdboodschap is duidelijk: de visie op huisvesting moet continu worden bijgesteld. ‘Tegen de tijd dat bouwplannen kunnen worden uitgevoerd, zijn ze verouderd. Ideeën over functionaliteit veranderen continu’, legt Van Baal uit. Het gevolg is wel dat de visie van Kuiper Compagnons, waarvan Bhalotra mededirecteur is, uit 1997 slechts deels is te herkennen in de hedendaagse plattegrond van de campus; voorgestelde ingrepen om de samenhang van de campus te vergroten zijn niet uitgevoerd.
‘Wie heeft die bedacht?’ is een veelgestelde vraag volgens Ter Berg, maar een die onterecht wordt gesteld. ‘Niemand bedenkt zoiets als de campus Heyendaal, die groeit op organische wijze.’ In 2018 dienen de huidige bouwwerkzaamheden afgerond te zijn.

_MG_6057.jpg

Tijdens de rondleiding zelf komen de huidige ontwikkelingen duidelijker naar voren. Van Gessel vertelt trots over al het groen op de binnenplaats van de HAN en wijst op de pagode bovenop het Bisschop Hamerhuis. ‘Bovendien lagen er goede voetpaden naar de Verlengde Groenestraat, die we hebben gehandhaafd en versterkt.’ Op het Geert Grooteplein wijst Van Baal op het gangenstelsel met de vorm van een vierkant, dat de verschillende deelgebieden van het Universitair Medisch Centrum met elkaar verbindt, en op de locatie waar de nieuwe hoofdingang komt. ‘De afstand van de ingang naar de patiëntenzorg moet zo kort mogelijk worden’, stelt hij. Het plein zelf is een zone van rust en dient geheel autovrij te blijven. Eronder is een parkeergarage gebouwd, en het nieuwe parkeercomplex dat nu in aanbouw is aan de oostkant van het UMC moet mede zorgen dat ‘alle auto’s naar buiten worden gedrukt’. Ter Berg vervolgt de rondleiding op het dak van het Erasmusgebouw, vanwaar hij duidelijk kan wijzen naar de grootschalige nieuwbouw: het Gymnasion, het Huygensgebouw en de SSHN-complexen. ‘Er wordt nu flink gesloopt, het is de bedoeling dat in 2008 het Huygensgebouw vrij komt te liggen.’ Ook moet de Platolaan, waaraan de nieuwe studentenhuisvesting is gelegen, verder worden ontwikkeld. ‘Zo worden zichtlijnen gecreëerd: een openstelling van de campus waardoor voor zover het mogelijk is ruimtelijke samenhang wordt geoptimaliseerd’, verklaart Ter Berg. Voorbereidend op haar presentatie plaatst Mihaljevic alvast een kritische noot op het imago van Heyendaal als de groenste campus van Nederland: ‘Van hierboven oogt de campus inderdaad erg groen, terwijl je er beneden niet zo veel van merkt.’

Groene ruimte
_MG_6115.jpg’s Avonds is het ook Mihaljevic die als eerste in het debat haar oordeel geeft over de campus. Aan de hand van foto’s van aspecten – grasvelden, tegels, lantaarnpalen et cetera – uit alle deelgebieden van Heyendaal stelt ze de vraag: is er een samenhang te ontdekken in de groene ruimte? Met alles wat de afgelopen tien jaar is uitgevoerd trekt ze de conclusie: ‘Nee, er is geen eenheid en met de huidige handelswijze gebeurt het niet.’ Iedereen is alleen maar bezig met zijn deelgebied, niemand heeft oog op het totaalplan, stelt ze. Mihaljevic doet de aanbeveling dat er een permanente toetsing aan de hoofdstructuur moet plaatsvinden, op basis waarvan een beeldkwaliteitsplan landschap voor de hele campus wordt geformuleerd – ook stukken gemeenteterrein zoals Park Brakkenstein moeten daarin worden opgenomen. Tenslotte is er een gelijkmatige budgetverdeling nodig: dat het groene uiterlijk verschilt van locatie tot locatie is mede te wijten aan verschillen in budget. ‘Er is nu zowel extreem veel als extreem weinig groen, terwijl je een eenheid wilt bereiken: één groene campus.’

Gespreksleider Van Lieshout probeert Mihaljevic uit te dagen tot specifiekere kritieken, dat haar ertoe aanzet de plannen van Bhalotra aan te halen. Een belangrijk kritiekpunt is dat de Erasmuslaan, die is doorgetrokken om als verbindingsweg te dienen met Park Brakkenstein, in een stuk hekwerk eindigt in plaats van haar eindpunt te halen. Daarbij is er niets terechtgekomen van het geplande grote groene plein rond de Heyendaalseweg dat als ‘gemeenschappelijk erf’ als ontmoetingspunt moest dienen voor de drie werelden op de campus; RU, UMC en HAN. De verbinding tussen deze onderdelen is geheel afwezig. ‘Er is veel groen zonder verblijfsfunctie, daardoor is er geen kwaliteit in te krijgen.’ Medepanellid Sikkema buigt zich nogmaals over de plannen van Bhalotra. Hij vraagt zich hardop af of die plannen wel zo goed waren. Toen de visie werd opgetekend, was het UMC immers al bezig met nieuwbouw: een psychiatrisch centrum dat in het pad van het nog te plannen park lag. ‘Dat verpest het groene plan’, stelt Sikkema, ‘en de ontmoetingsplek aan de Heyendaalseweg was een onmogelijke opgave, doordat het ziekenhuis al een ondoordringbare barrière vormde.’

Van Lieshout vraagt Mihaljevic of ze ook nog een pósitieve opmerking overheeft voor de campus. Die heeft ze: ‘Er is van af te zien dat iedereen met goede bedoelingen bezig is geweest.’ De gespreksleider vindt dit een wel érg vernietigend antwoord, waarop Mihaljevic duidelijk maakt ook mooie dingen te hebben aangetroffen. ‘Ik vind het bijvoorbeeld erg opvallend dat rondom de nieuwbouw van de bètafaculteit het groen tot aan de gebouwen reikt.’

Samenhang
Het is de taak van Sikkema om zijn oordeel te vellen over de samenhang op campus Heyendaal, wat geen gemakkelijke opgave is. Na een woord van waardering – ‘Ik weet uit eigen ervaring hoe moeilijk het is functionaliteit te bereiken zonder andere aspecten uit het oog te verliezen, op de campus is duidelijk hard gewerkt’ – komt hij bij de hamvraag: wat moet worden verstaan onder samenhang? Eerder op de dag heeft hij de vraag al kunnen stellen aan de drie vertegenwoordigers van de campus, die ‘kort door de bocht’ antwoordden: door bereikbaarheid en zichtlijnen te creëren. Sikkema was hierdoor verbaasd. ‘Daarmee heb je de samenhang van de campus nog niet te pakken’, om vervolgens te filosoferen: ‘Wat is samenhang in een versplinterde wereld als dit? Is het terugverlangen naar het Paradijs, alles onder één God?’

‘De kracht van individuele gebouwen is ondergeschikt aan de vorm van de gehele ruimte.’ – Aryan Sikkema

Sikkema zou de doelstelling van samenhang willen formuleren als ‘het streven naar kwaliteit van de campus, zodanig dat iedereen die er komt – studenten, medewerkers, patiënten, bezoekers – een positieve ervaring ondergaat, zelfs trots is op de omgeving.’ Het gaat niet om een absolute eenheid die bijvoorbeeld zou worden bewerkstelligd door een uniforme architectuur; eerder gaat het om samenhang die moet worden beleefd. Zo is het belangrijk dat de buitenruimten publiek toegankelijk zijn. Sikkema doet ook de suggestie om groene enclaves vooraf vast te stellen, al het andere groen is dan achteraf gezien mooi meegenomen. Bovendien is volgens Sikkema ‘de kracht van individuele gebouwen ondergeschikt aan de vorm van de gehele ruimte.’ In de kern is zijn aanbeveling om vast te stellen welke samenhang het meest van belang is en daar aan te werken. De beste manier daarvoor is twee bestuurders verantwoordelijk te maken: een van de instantie zelf en een van de gemeente. Tot slot zou volgens Sikkema de vraag moeten zijn of het begrip ’samenhang’ überhaupt leidend zou moeten zijn. Volgens hem zou je net zo goed kunnen adviseren om niet samenhang, maar diversiteit na te streven.

Huisvesting
De drie rondleiders van vanmiddag krijgen ruimschoots de kans om hun kant van de zaak te laten zien. Mihaljevic mag dan geen samenhang kunnen bespeuren tussen de HAN en twee andere instellingen, Van Gessel brengt naar voren dat het überhaupt maar de vraag is of de hogeschool ‘die samenhang wel wil bereiken’. Ter Berg merkt op dat het moeilijk is om gedurende naast elkaar lopende bouwprojecten steeds opnieuw te letten op samenhang en ruimtelijke kwaliteit. ‘Gaandeweg groeit het realiteitsgehalte. Een voorbeeld is Park Brakkenstein, een rijksmonument: ‘De Erasmuslaan loopt uiteindelijk dood omdat onze visie niet overeenkomt met die van Monumentenzorg.’ De ambitie om drie deelgebieden samen te krijgen op een plein aan de Heyendaalseweg stuitte op praktische problemen. Zo moest de Heyendaalseweg een drukke doorgaande weg blijven: verkeersafwikkeling had uiteindelijk de hoogste prioriteit.

_MG_6082.jpg

Maar het zou niet eerlijk zijn om slechts te kijken naar de mate waarin de structuurvisie uit 1997 inmiddels is verwezenlijkt; dat document moet meer worden gezien als het ideaalbeeld van de campus dat een produkt is van de destijds geldende overwegingen, motieven en randvoorwaarden. Van Baal wil dan ook duidelijk maken dat het niet gaat om vastgelegde ideeën waarvan niet kan worden afgeweken, maar om een structuurvisie die kan en moet worden aangepast aan de steeds veranderende eisen voor de nieuwbouw. Het hoofd Huisvesting van het UMC is ook niet erg te spreken over de klagers in het publiek die vinden dat er een fietspad moet worden aangelegd, direct van hartje universiteit naar het Geert Grooteplein. ‘Het is erg simpel om te zeggen dat het pad er moet komen, dwars door de centrale as van gebouwen heen. Je moet je realiseren waarom wij een academisch ziekenhuis bouwen: voor de patiëntenzorg. Niet om dwars door gebouwen heen te fietsen.’

‘Je moet je realiseren waarom wij een academisch ziekenhuis bouwen: voor de patiëntenzorg. Niet om dwars door gebouwen heen te fietsen.’ – Felix van Baal

Een van de nieuwe ontwikkelingen die veel kritiek ontvangt uit het publiek is het ‘lelijke’ nieuwe parkeercomplex. Van Baal reageert: ‘Die parkeergarage heeft van de gemeente juist een pluim gekregen en ik weet dat er mensen in de zaal zijn die er erg over zijn te spreken.’ Sikkema valt hem meteen bij. De garage is volgens hem een sterk staaltje groenmanagement op de campus: juist door te kiezen voor een grote parkeergarage bespaar je elders veel ruimte. Van Baal stelt vervolgens dat de campus nog middenin de ontwikkeling staat. Er zijn nog tijdelijke effecten zichtbaar, zoals de fietsenstalling en de lelijke bouwkeet op het Geert Grooteplein. ‘Nu zitten we in een vervelende situatie, we moeten vooral onze aandacht richten op het eindplaatje.’

Stedenbouw
Wethouder en loco-burgemeester Depla is erg te spreken over het betoog van Sikkema, onder andere over het aspect diversiteit. ‘Toen ik twintig jaar geleden zelf nog studeerde in de Thomas van Aquinostraat, wilde ik niets te maken hebben met die drukke studenten op het UMC St. Radboud. Wij hadden ons eigen ritme van 11 tot 3.’ Een ander voorbeeld: niet iedereen die naar het ziekenhuis gaat, wil een bezoekje brengen aan de Universiteitsbibliotheek. Het is niet realistisch om op die manier over de totaalsituatie te praten, om overal samenhang te creëren. Depla vindt de campus Heyendaal een van de mooiste projecten van de stad. ‘Ik fiets graag door al dat groen.’ Dat geeft hem ook de kans om te kijken hoe het gebruik van de groene ruimte kan worden verbeterd, wat een veel betere instelling is dan ‘hoe krijgen we meer groen?’. Cruciaal is de verhouding tussen groen en gebouwen en de beleving die het meegeeft.

‘Plannen moet je maken, maar er is geen tovenaar die ze 1-2-3 uitvoert.’ – Paul Depla

Meningen veranderen voortdurend. ‘Plannen moet je maken, maar er is geen tovenaar die ze 1-2-3 uitvoert.’ De SSHN-panden aan de Platolaan worden niet door iedereen even positief ontvangen, maar de gemeente is duidelijk in haar mening. Het is een goede pragmatische oplossing – ‘er was behoefte en er was grond’ – voor het praktische probleem van tekort aan studentenhuisvesting. Depla spreekt van een schaakspel: de campus kan niet los worden gezien van de omgeving. Verandert de gemeente iets in Heyendaal, dan heeft dat zijn weerslag in de omliggende gebieden. ‘Een voorbeeld is het betaald parkeren op de parkeerplaats tussen het Gymnasion en de SSHN-panden. Toen we het invoerden, moesten we ook in het oog houden wat het zou betekenen voor bijvoorbeeld de wijk Brakkenstein.’

Nijmegen zet in op de campus Heyendaal: het is haar kennisgebied, waar veel innovatie plaatsvindt. Hoe hard het ook klinkt, andere functies zijn ondergeschikt aan de economische functie van het gebied. Dat is waar de stedelijke ontwikkeling zich op concentreert. Zijn advies voor de campus is simpel: ‘Zorg dat uit iedere periode een mooi gebouw hebt staan, waardoor de ontwikkeling van Heyendaal door de tijd heen zichtbaar wordt. Hoe moeilijk Monumentenzorg het je uiteindelijk ook maakt om de gebouwen te slopen wanneer je er weer van af wil.’

Meer foto’s van de campuswandeling vindt u hier.

icon for podpress  PDF-versie verslag: Download

  1. 1 Laatste verslagen staan online at Ruimte in LUX


Schrijf een reactie





abonneer op deze feed itunes.gif

Agenda


    • No events.
Helaas, de agenda doet het even niet. Zie de algemene agenda van LUX voor de debatten die LUX organiseert, waaronder ook de Ruimte!-programma's.

E-mailnieuwsbrief



Vul uw e-mailadres in voor een abonnement op de maandelijkse Ruimte!-nieuwsbrief.